©2019 by Jelle.

In sneltreinvaart door Nicaragua

21/12/2018

Na een paar rustdagen in de hoofdstad van Honduras, Tegucigalpa, vervolgde ik mijn reis naar Danlí. Het plan was om daar samen met Nilsa heen te fietsen. Ze zou dan per auto weer teruggaan en in dat geval kon ik zonder fietstassen fietsen omdat ze dan gebracht konden worden. Dat leek me een uitstekend idee! Helaas ging het vanwege de drukke agenda van Nilsa niet door, en dus vertrok ik op eigen houtje richting Danlí. Het feit dat ik daar al een plek had om te overnachten geeft je extra energie, omdat je daar hoe dan ook zal aankomen. Omdat Tegucigalpa vrij hoogt ligt, veronderstelde ik dat ik de dag rustig kon beginnen met een afdaling. Dat had ik jammer genoeg verkeerd in geschat. Ik moest flink klimmen om de stad uit te fietsen. Het uitfietsen van grote steden vind ik sowieso al drie keer niks. Het lijkt alsof er geen einde komt aan de stad, de slechte wegen zijn op veel plaatsen bedekt met glas en bovendien is er veel vrachtwagenverkeer. Het is dus altijd een verademing als je de stad en de drukte uit bent. Als een verzopen katje kwam ik aan in Danlí, omdat een tropisch front het gebied teisterde. Ik kon heerlijk warm douchen (wat echt een uitzondering is!) en sliep als een roos om me op te maken de Nicaraguaanse grens over te steken.

 

De laatste tien kilometers richting de grens waren meteen de zwaarste van de dag. De grens tussen Honduras en Nicaragua bevindt zich op de top van een berg en ik moest me dus de pokken trappen om boven te komen. Ik merk dat het klimmen me sinds de herstart van mijn reis eindelijk wat beter afgaat, ik was het even verleerd maar ik begin het weer te waarderen. Eenmaal bij de grens moest ik anderhalf uur wachten voordat ze me het land inlieten. Ze misten een document dat ik ze vier dagen eerder wel degelijk had gestuurd, dus alles moest handmatig nogmaals worden ingevuld. Toen ze me eindelijk binnenlieten kon ik als een gek naar beneden sjezen naar het eerste dorpje van Nicaragua: Ocotal. Daar overnachtte ik. Ik wilde eigenlijk verder fietsen, maar ik was veel tijd verloren aan de grens en had ook een lekke band. Dat mocht wel weer eens na 3 weken. Het pleintje van de stad was prachtig en ik kreeg voor minder dan twee euro een flink bord eten voorgeschoteld. Ik blijf me verbazen over mijn niet te stillen honger.

 

Klimmend naar de grens

 

Voor het eerst in weken wist ik mezelf ertoe te zetten vroeg te vertrekken. Relatief vroeg dan. 07:15 was ik onderweg want ik wist dat er een paar bergen op me aan het wachten waren. In tegenstelling tot de afgelopen dagen was het weer zonovergoten. Ik zag dat de temperatuur in Nederland tot 0 graden was gezakt, hier was het 30 graden. Ik merkte in de grensregio van Honduras al dat er veel koffie geproduceerd werd, dat is hier niet anders. Er is een heuze koffiecultuur in de regio, alhoewel men niet heeft geleerd hoe je het moet drinken want iedereen drinkt het met veel suiker. Naast de koffie industrie is er ook een sigarenindustrie in regio. Na 85 kilometer zag ik een sigarenwinkeltje langs de kant van de weg en ik wilde daar toch even een kijkje nemen. Het zaakje wordt gerund door een Amerikaanse vrouw (Brenda) en Cubaanse man (Julio). Ze produceren daar houten kokers/dozen om de sigaren in te bewaren, van één enkele sigaar tot tientallen sigaren. Ik kocht één sigaar met kokertje. Komt nog wel van pas. Toevallig schijnen ze een bekende verblijfplek te zijn voor toeristen want ze er komen hier regelmatig toeristen met een busje. Op hun terrein is plaats om te overnachten. Ik mocht op hun terrein buiten slapen als ik wilde. Dat leek me een goed idee. Morgen weer een dag.

 

 Selfie 1: Julio & Brenda

 

Voor ik vertrok gaven ze me een sigaar in een koker cadeau. Voor in Ushuaia, geen kilometer eerder. Dat heb ik beloofd en ik stopte het diep weg in een van mijn fietstassen want ik heb het voorlopig toch niet nodig.

 

Omar had me het nummer gegeven van Jopo. Hij woont in de hoofdstad (Managaua) en hij had Omar een paar maanden geleden geholpen toen hij door Nicaragua fietste. Hij bleek jammer genoeg niet in de stad op de dagen dat ik er zou zijn. Ik was al op zoek naar  hostals toen ik ineens een berichtje kreeg van ene Manuel. Hij kon me opvangen in Managua. Jopo had kennelijk op de facebook pagina van de fietsvereniging een oproep geplaatst of er iemand was die me kon helpen. Ik voelde me lichtelijk bezwaard, maar het was goed bedoeld en ik was er natuurlijk blij mee. Met wat moeite fietste ik naar het huis van Manuel. Manuel heeft een klein winkeltje in de wijk waar hij allerlei elektronica (opladers/aux-kabels/mobieltjes etc.) verkoopt.

 

Ik bleef twee dagen in de hoofdstad en beide dagen ging Manuel met me mee naar het stadscentrum om me te begeleiden. De ene dag met de auto, de andere dag op de motor. Ik vind Managua, zeker in vergelijking met de hoofdstad van Honduras, een erg mooie hoofdstad. De stad is helemaal omgedoopt in kerstsfeer en er werden veel activiteiten georganiseerd. In één van de hoofdstraten hadden ze geloof ik wel tien levensgrote kerststallen nagebouwd. Er was een grote kermis, een kerstmarkt en veel personen die eten op straat verkochten.. De stad ligt aan een meer dat is omgeven door meerdere vulkanen. Kortom: Een mooie locatie. Ik heb in die twee dagen geen één buitenlander gezien. Het toerisme in het land is volledig ingestort na de gewelddadige rellen tussen de overheid en demonstranten eerder dit jaar, net als in Honduras. Ik had daar wel iets over gelezen, maar wist er het fijne niet van. In dat opzicht is er in Centraal-Amerika veel gebeurd dit jaar, alles lijkt nu weer rustiger geworden.

 

Oude kathedraal, gesloten na een aardbeving in 1979

 

Opvallende vergelijkingen met het socialistische Cuba

 

Na de hoofdstad heb ik in rap tempo een paar bekende plekken van Nicaragua bezocht. Eerst ging ik naar Granada, een stadje waar de koloniale stijl van het verleden goed gewaard is gebleven. Ik had daar afgesproken met Angel, met wie ik in Mexico gefietst had. Hij ging de volgende ochtend vroeg alweer weg, omdat zijn visum bijna verloopt.

 

Granada

 

Selfie 2: Angel + Samuel (uit Guatemala)

 

Daarnaast ontmoette ik in het chocolademuseum de Amerikaan Tim, die reist met zijn alter ego Jim die zogenaamd uit Canada komt. Hij vertelde me dat Amerikanen niet overal te wereld even geliefd zijn, dus om problemen te voorkomen reist hij als Jim. We wandelden door Granada en waren gechoqueerd door de verlatenheid. Er waren bijna geen toeristen te zien, terwijl het plaatsje duidelijk gemaakt is voor het toerisme. Vanuit dat stadje boekten we een tour naar de Masaya-vulkaan. Vanaf de kraterrand kon je de lava zien bubbelen. Ik had nog nooit zoiets gezien en het zag er erg indrukwekkend uit. Qua belichting en afstand was het vrij lastig te fotograferen, dit is het beste resultaat:

 

Alleen op het zwarte de rest is lava

 

Ik fietste vervolgens naar Rivas en pakte daar de volgende dag een bootje naar Ometepe-eiland. Het eiland kenmerkt zich door twee vulkanen en ik liet me vertellen dat het eiland een hoge concentratie witschouder-aapjes heeft. Ik besloot een rondje om de grootste vulkaan te maken, een rondje van zo’n 30-40 km met enkele ruige stukken. Het ingestorte toerisme heeft ook op dit eilandje een grote impact gehad. Terwijl het hoogseizoen in volle gang zou moeten zijn, zijn veel bedrijfjes die voorheen tours organiseerden gesloten. De lokale bevolking vertelde me dat het een heel zwaar jaar voor ze is geweest en dat het zo niet veel langer kan doorgaan. Gelukkig is het eiland niet 100% afhankelijk van het toerisme, want dankzij de vruchtbare vulkanische grond is er veel landbouw. Er is met name veel bananenproductie. De vruchtbare grond zorgt er sowieso voor dat het hele eiland groen is. Helaas was het 's morgens een beetje bewolkt en daardoor was de top van de vulkaan onzichtbaar. Aan het einde van de ochtend klaarde het echter op en werd de top langzaam zichtbaar. Toen ik mijn rondje bijna had afgemaakt fietste ik langs een luchthaven. Vanwege de openheid van de start- en landingsbaan bood dat een prachtig uitzicht op de vulkaan.

 

Leven omarmt de dood

 

Uitzicht vanaf de start- en landingsbaan

 

Na een ochtend-rondje om het eiland ging ik meteen weer terug

 

Na deze fotosessie pakte ik de eerstvolgende boot terug naar het vasteland. Geen aap gezien trouwens. Vanaf Rivas fietste ik met de resterende uren zonlicht naar de kust van de Stille Oceaan, naar San Juan del Sur. Ook nu verbaasde ik me weer over de prachtige uitzichten die me deden denken aan Californië. Ik ben op dit moment in San Juan del Sur, en zal 21 December afzakken naar Costa-Rica. De natuur schijnt imponerend te zijn, ik ben benieuwd. Ik zal daar zeer waarschijnlijk oud en nieuw vieren en niet lang daarna in Panama aankomen. Het zal een logistieke uitdaging worden om mezelf en de fiets van Panama naar Colombia te vervoeren, omdat er geen weg bestaat tussen beide landen.

 

 

 

 

 

Please reload

24/10/2019

Please reload

Recente blogs (Nederlands/Dutch)

Recent blogs (English)

December 5, 2019

October 24, 2019

October 5, 2019

Please reload