©2019 by Jelle.

Costa-Rica & Panama

25/1/2019

Het was ongeveer 45 kilometer om van het toeristische San Juan Del Sur (Nicaragua) naar de grens met Costa Rica te fietsen. Ik sprak met een Nicaraguaan die geen werk kon vinden in Nicaragua. Hij zou vandaag via een modderige bergweg illegaal Costa Rica binnengaan, om daar werk te zoeken. Hij beschikt namelijk niet over de papieren om dat via de legale weg te doen. Ik heb gehoord dat de mensensmokkel big business is en dat het vaak niet eens in het geheim wordt gedaan. Bij de grens staan ze de bemodderde laarzen schoon te spuiten om ze weer terug te brengen en te verhuren aan een nieuwe groep personen. Met mijn Nederlandse paspoort had ik weer mazzel en binnen de kortste keren kreeg ik mijn exit- en entrystempeltje.

 

Bij de grens kwam ik trouwens nog een Poolse en Puerto-Ricaanse fietser tegen. Ze waren net gestart en gaan naar Mexico. Ze hadden de nacht ervoor gekampeerd op het terrein van een restaurant dat wordt gerund door een Nederlands stel. Daar moet ik natuurlijk een kijkje nemen. Ze waarschuwden me dat het 50 kilometer was met enkele pittige klimmetjes. Nou ben ik niet bepaald een opschepper, maar die klimmetjes stelden echt niks voor, ik vloog omhoog. Ongetraind kan ik me voorstellen dat het best zwaar aanvoelt. Vlak voor het donker kwam ik aan bij het restaurant ‘Bambo’s’, gerund door Vilma en Edward. Vilma is van origine een Nicaraguaanse maar vluchtte als klein meisje noodgedwongen naar Costa Rica vanwege het opkomende communistische bewind van Nicaragua. Haar vader was een relatief vermogende boer en onder het opkomende bewind werden velen van zijn bezittingen ingenomen. Een bloedig incident vlakbij hun boerderij heeft ze er toe gezet te vluchten. Ze besloten de boerderij en auto’s achter te laten en vluchtten met het gezin en de resterende twintig koeien over de bergen naar Costa Rica. Een levensgevaarlijke vluchtpoging die gelukkig goed is afgelopen. De meegenomen koeien stelden ze in staat om snel iets nieuws op te bouwen in Costa Rica. Edward komt uit Zeeland en samen met Vilma runnen ze sinds een paar maanden een restaurant/bar/hostel/camping. De locatie is ideaal voor toerisme tussen Costa-Rica en Nicaragua, dus het ingestorte toerisme in Nicaragua zorgt er ook voor dat hier minder mensen langskomen. Laten we hopen dat dat snel zal herstellen.

 

Ik was die avond een beetje bezorgd over de orkaankrachtige wind die woei. Ik stond gelukkig beschut, en met mijn spullen en mijzelf in de tent achtte ik de kans klein dat ik zou wegwaaien. Vele takken hadden de nacht niet overleefd, mijn tent stond gelukkig nog als een huis. Edward maakte me wakker om te zeggen dat er een grote leguaan te zien was vanaf de brug tegenover het restaurant. Het mannetje, herkenbaar aan de grote lellen onder zijn bek, was zich aan het opwarmen in het ochtendzonnetje. Een spectaculair gezicht, wat een beest.


 

 

Costa Rica is een duur land, dus ik ga weer reizen zoals in de VS en mijn eigen eten bereiden. Het enige probleem was dat ik bijna geen gas meer had, maar blikvoer bestaande uit koude bruine bonen en tonijn is echt niet verkeerd na een dag fietsen! Ik eindigde de dag bij  de brandweer in Santa Cruz, daar kon ik overnachten. Onder fietstoeristen is de lokale brandweer een populaire plek om te overnachten en elke locatie heeft ook velen fietstoeristen ontvangen. Ik heb geen idee hoe dit ooit is ontstaan, maar ik ben er een grote fan van! Ik was verbaasd over de georganiseerdheid en professionaliteit van de brandweerkazerne. Velen brandweerteams in Centraal-Amerika zijn gevestigd in oude gammele vieze gebouwen, maar deze locatie was hypermodern en schoon. Ik kreeg zelfs een matras om op te slapen in een airco-kamer, wat een ongekende luxe.

 

Vanaf de brandweer fietste ik naar Alexander die ik via via heb leren kennen. Hij woont in Puntarenas, een havenplaatsje waar ik per pont naartoe zou gaan vanaf het schiereiland. We hadden afgesproken om samen kerst te vieren. Ik arriveerde twee uur eerder bij het pontje dan gepland, waardoor ik een pont eerder kon pakken. Toen ik in de rij stond om mijn kaartje met fietstoeslag te betalen stelde een Costa-Ricaan, Osvaldo, voor om mijn fiets in zijn pick-up truck te gooien om de fietstoeslag te omzeilen. Hij is zelf ook fietser en doet het altijd op die manier. Hij zei dat ik hem maar een berichtje moest sturen als ik langs zijn dorp zou fietsen, daar kon ik in dat geval overnachten.

 

In afwachting van de pont naar Puntarenas

 

In Costa-Rica wrodt kerst op kerstavond (24e) gevierd. De volgende dag (25e) is iedereen vrij om uit te buiken, kateren en rusten. Kerst wordt dus eigenlijk anderhalve dag gevierd. In Puntarenas ontmoette ik dus Alexander, hij viert de kerst traditioneel met een paar vrienden en met de overburen. We hebben daar met zijn allen gebarbecued.

 

De familie met wie ik kerst heb gevierd, Alexander rechts achter

 

Terwijl Alexander tot diep in de middag uitsliep, was ik vroeg wakker. Ik besloot om een rondje door het dorp te wandel. Op de bakkerijen en Chinese supermarkten na (die weten van geen ophouden) was alles gesloten. Ik maakte er maar een speciaal kerstontbijtje van met een Franse baguette, gebakken eitjes, koffie, ham-kaas croissantje etc. Het ontbrak aan niks, behalve mijn familie en omgeving. Tijdens zo’n kerstweek mis je dat toch wel. Ik had helemaal geen zin om te gaan fietsen dus ik ging pas de tweede kerstdag vertrekken. In de tussentijd was ik in contact gebleven met Osvaldo die ik op het pontje ontmoette en ik kon bij hem langskomen, het lag precies op de route.

 

Tweede kerstdag vertrok ik dus richting zijn huis. Hij vertelde me dat hij een supermarkt heeft en dat we daar zouden afspreken. Ik geloof dat ik ruim anderhalve klimkilometers moest maken, er kwam geen einde aan. Dat was best pittig in combinatie met de hitte. Gaandeweg koelde het gelukkig af door het hoogteverschil, bovendien kreeg ik onderweg een groepsfoto van mijn familie na het kerstdiner, dat gaf me een energieboost. Vlak voor het donker kwam ik aan en daar pickte Osvaldo me up met de pick-up truck. De supermarkt was erg modern en veel groter dan ik dacht. Het is een twintigjarig familiebedrijf dat langzaam is het uitgegroeid tot een supermarkt van formaat, inclusief café met bakkerijafdeling. Osvaldo heeft acht broers/zussen en bijna allemaal werken ze mee. Duidelijk een erg hechte familie, want ze wonen ook allemaal vlak bij elkaar. Toen we naar het huis van Osvaldo reden liet hij me zien dat meerdere broers/zussen en zijn ouders allemaal op aangrenzende terreinen wonen.

 

Ik wilde graag de hoofdstad van San-José bezoeken, maar zag het niet zitten om in zo’n metropoolregio te fietsen. Ik vond de weg naar Osvaldo al drie keer niks met al het verkeer. Ik had de mogelijkheid om mijn fiets en spullen achter te laten en per bus naar San-José te gaan. Dat heb ik dan ook gedaan. De bus vertrok tegenover de supermarkt, ideaal! Ondanks de volle zon werd ik niet erg warm van de hoofdstad, ook omdat nogal veel gesloten was vanwege de kerstweek. San-José is geen populaire plek om nieuwjaar te vieren, de meesten gaan naar een strandregio. Ik heb daar één nachtje in een hostel overnacht voordat ik weer terugging naar de familie van Osvaldo.

 

San-José is eigenlijk een metropoolregio in een vallei

 

Osvaldo kon wel wat hulp gebruiken in de supermarkt en ik vond het leuk om te helpen. Ik heb meer dan vijf jaar bij de Albert-Heijn gewerkt, dus ik vind het interessant om te zien hoe ze hier de boel runnen. Het is zeker niet zo efficiënt en strak georganiseerd als de Albert-Heijn, maar alles functioneert goed. Ik hielp mee op de groenteafdeling. Osvaldo had ’s morgens vroeg zelf alle groente en fruit op een grote markt ingekocht. Verder heb ik alle producten die in de vitrine van het café staan naar het Engels vertaald, omdat er veel Amerikanen langskomen en niemand in de winkel Engels spreekt. Het idee is om tweetalige stickertjes te ontwerpen om weer te geven bij elk product.

 

In de tussentijd was het oudejaarsdag. Ik wilde vandaag vertrekken naar La Fortuna, een mooie plaats omgeven door bergen en een vulkaan. Op oudejaarsavond zou er een familiereünie zijn en ik vond niet dat ik daar bij moest zijn. Ze nodigden me echter uit en zeiden dat ik onderdeel van de familie ben geworden en dat ze het erg leuk zouden vinden als ik nog zou blijven. Dat is natuurlijk een uitnodiging die ik niet kan en wil afslaan, dus ik bleef. De jaarwisseling was erg religieus en bijzonder om mee te maken. In de avond ging ik mee naar de kerk en vlak voor twaalven was iedereen aan het bidden. Er was weer een grote barbecue en iedereen had zijn eigen gerecht meegenomen zodat iedereen elkaars eten kon proberen. We vierden het bij de ouders van Osvaldo, hun huis staat bovenop een berg dus we hadden prachtig uitzicht op het vuurwerk dat in een grote aangrenzende stad werd aangestoken (Alajuela).

 

De familie waar ik tijdens de nieuwjaarsviering was

 

Een paar dagen later was het de hoogste tijd om afscheid te nemen en verder te gaan. Ik kreeg als afscheidscadeau nog een kleurrijke handdoek met de kaart van Costa-Rica, een mooi aandenken aan het land en aan de familie. Ik fietste naar La Fortuna, een toeristisch plaatsje die vooral bekend is vanwege de vulkaan die tot 8 jaar geleden actief was. De actieve vulkaan was een grote impuls voor het toerisme in het dorpje. Dat toerisme is inmiddels dus wat gezakt, maar nog steeds is het een populaire plek voor backpackers. Dagelijks gaan er velen busjes naar het bekende Nationale park, of naar een van de warmwaterbronnen. Ik sliep op een camping die zich precies voor de ingang van het nationale park bevond. Je kunt het trouwens niet echt een camping noemen. Het is eigenlijk de tuin van een familie die daar toevallig al langer woont. Als je wilt douchen moet je door de slaapkamer en keuken (waar Oma lekker aan het kokkerellen was) om naar het badkamertje te gaan. Ze waren verbaasd dat ik Spaans sprak en ze boden me een bord eten aan. Onder het eten vertelden ze me dat het hier, toen de vulkaan nog actief was, elke dag helemaal vol stond. Nu waren er maar 3 personen. Toch was Oma blij met de huidige stand van zaken, want ze was bang voor de vulkaan. De vader des huizes beheert een stuk land van 246 hectare dat precies aan het nationale park grenst. Een soort park op zich dus.

 

Ik ben daar ’s morgens vroeg met Jorge, de zoon des huizes, doorheen gelopen om te kijken of we wat dieren konden spotten. Het weer was helaas niet zo gunstig, maar we hebben toch wat toekans, een slang en een paar wasberen gespot. Ik fietste die dag om een meer en kwam bij een prachtig grasveldje uit waar ik kon kamperen. De tropische omgeving blijft me verbazen. Het heuvelachtige landschap is een soort mix van Schotland, Oostenrijk en Zwitserland in een tropisch jasje.

 

Een klein maar zeer dodelijk slangetje

 

Gespot tijdens de ochtendwandeltocht

 

Via social media volg ik een flink aantal fietsers die ook een grote reis aan het maken zijn, en dat zijn er nogal wat! Van individuen, groepen tot families met jonge kinderen. Zo had ik in El Salvador een foto gezien van een Franse familie met drie kinderen, ze waren al 10 maanden aan het reizen. Ik fietste diezelfde familie plotseling tegen het lijf in Costa-Rica. Ze reizen per tandem; kinderen voor, ouders achter en het kleinste kind in een karretje. Papa mag 120 kilo betrappen. Ongelofelijk om te zien. De familie was niet alleen. Hun bijzondere verhaal is opgepikt door een Franse tv-zender. Kanaal M6 (ik had er nog nooit van gehoord) gaat een documentaire over de reis van de familie maken en volgt ze voor een week. Ze hebben al door Zuid- en Midden-Amerika gefietst en vervolgen hun reis in Azië. ’s Ochtends moeten de kinderen een uur leren voordat ze gaan beginnen met fietsen. Ik kan me niet indenken hoe het is om met drie kinderen te reizen op de fiets, petje af. Ik werd nog geïnterviewd, dus wellicht heb ik een bescheiden bijrolletje in de documentaire.

 

Een dag later ontmoette ik een Duitse vrouw van een jaar of 55/60. Ze fietste alleen door Panama/Costa-Rica voor ruim een maand en heeft hier ook nieuwjaar gevierd. Ze reist altijd per fiets en dat doet ze meestal voor een week of 5/6 in verschillende gebieden. En die vrouw neemt niet de makkelijkste weg!. Sterker nog, ze kiest er bewust voor om langs de hoogste en moeilijkst begaanbare bergpassen te gaan. Ook voor deze vrouw neem ik mijn petje af, met recht een powervrouw.

 

Via Whatsapp heb ik ook nog steeds contact met alle fietsers die ik onderweg ben tegengekomen, waaronder Javier die ik in Los-Angeles ontmoette. Hij is inmiddels al in Colombia. In een havenstadje van Panama is hij tevergeefs op zoek gegaan naar personen die per boot naar Colombia gaan, met de vraag of hij misschien mee kan. De grens tussen Panama en Colombia is namelijk het enige onderbroken stuk op de hele ‘Panamerican Highway’. Onmogelijk om doorheen te fietsen. Het gebied bestaat uit moerasland en oerwoud en het wordt veelvuldig gebruikt voor mensen- en drugssmokkel. Voor velen reizigers een logistiek probleempje. Fietsers kunnen per georganiseerde boottocht of vlucht de overtocht maken. Vliegen is vaak stukken goedkoper. Javier is tijdens zijn zoektocht wel in contact gekomen met enkele mensen, waaronder een Duitse familie die al anderhalf jaar per zeilboot over de wereld reizen. Ze liggen al geruime tijd in een Panamese haven in ‘Bocas del Toro’ met wat technische problemen. Ik had ze gevraagd of ze toevallig naar Colombia gingen, dat was niet het geval. Ze gaan door het Panamakanaal naar de Galapagoseilanden, en ik mag met ze mee tot de ingang van het Panamakanaal! Dan maar een klein stukje valsspelen, dit is een unieke kans die je niet links laat liggen. Dat haal ik met mijn gezig-zag ruimschoots in. De Duitse familie wachtte nog op reserveonderdelen en ik heb die tijd deels gevuld door terug te fietsen naar gebieden in Costa-Rica waar ik nog niet geweest was.

Na anderhalve week kwam ik aan in Limón, de grootste stad in het Caribische kustgebied. Na Limón is het slechts één lange kustweg van zo’n 90 kilometer die je naar de grens met Panama brengt. Ondanks dat er velen kleine toeristische stadjes zijn ontwikkeld, is een groot deel nog ongebruikt. Zo kwam ik aan het einde van de dag terecht op een verlaten strand waar ik welgeteld niemand heb gezien. Ik kon daar in alle rust kamperen, kokosnoten verzamelen en in de zee zwemmen. Het voelde alsof het strand voor mij was gemaakt.

 

Privéstrand

 

Ik ging daarna naar het toeristische plaatsje Cahuita, wat een nationaal park met tropisch regenwoud heeft. Het was indrukwekkend om dat te bezoeken. Ik ben een paar dagen in dit kleine dorpje gebleven en heb daar weinig actiefs gedaan. Ik ben erachter gekomen dat ik geen surftalent bezit. Ik beeldde me in dat ik als wereldtalent bij mijn eerste poging door grote golven zou surfen, maar ik kreeg het niet eens voor elkaar om op die plank te staan. Maarja, je moet ergens beginnen.

 

Na een paar dagen van inactiviteit koos ik er bewust voor om op zondag de grens met Panama over te steken, omdat ik er vanuit ging dat het dan rustiger zou zijn. Het was inderdaad rustig en zonder gedoe kwam ik Panama binnen. Costa-Rica was een geweldige ervaring. Zeer vriendelijke en gastvrije mensen, indrukwekkende natuur en een goed ontwikkelde infrastructuur (wat ik als fietser erg waardeer). Het land is sowieso beter ontwikkeld dan de rest van Centraal-Amerika. Dat heeft een prijskaartje, het is veel duurder dan de omliggende landen, maar daar hoor je me niet over klagen. Het was het zeker waard.

 

Vanaf de grens fietste ik naar het havenplaatsje ‘Almirante’. Een uitgestorven stadje waar ik me niet op mijn gemak voelde. Ik fietste naar de haven die helemaal volgestouwd was met Chiquita containers. Duidelijk een bananenrepubliek. Er was echter geen havenactiviteit, waardoor het allemaal leeg en verlaten was. Er ligt een grote eilandengroep vlak bij de kust. Het grootste eiland (Colón) is per pont of boot te bereiken vanaf Almirante. De grote dagelijkse pont voer echter niet, waardoor ik mijn fiets en bepakking op een klein speedbootje moest laden. Dat is even hannesen, maar uiteindelijk levert het wel een komisch gezicht op.

 

Ik dacht dat de Duitse familie in een haven op dit eiland lag, maar ze lagen nog een eiland verder. Ik besloot een dagje te blijven en fietste naar het einde van het eiland, omdat daar een mooi strand zou zijn. De laatste 3 à 4 kilometer moest ik half lopen, omdat de weg nogal zanderig was. Uiteindelijk kwam ik via een wandelpad op het strand uit, wat is omgedoopt tot het ‘zeester-strand’. Je kunt het strand niet met de auto bereiken, om je een idee te geven dat het een beetje afgelegen ligt. Daar kwam ik dus aanzetten met mijn bepakte fiets en dat leverde hilarische blikken op. Ik ben sowieso gewend dat de halve wereld me nakijkt als ik langsfiets met mijn opvallende fiets, maar dat gevoel had ik dubbel zo sterk op deze locatie. Ik liep tot het einde van het strand maakte een vereeuwigend kiekje van dit paradijs.

 

Nog een paradijs

 

Daarna keerde ik terug naar het dorp met de haven en pakte een bootje naar het volgende eiland. Op een nog kleiner speedbootje werd ik vervolgens rechtstreeks de haven ingevaren. Ik heb veel contact met deze familie gehad, maar ik had geen idee van hun zeilboot. Dat bleek dus om een hypermoderne, 50 voet-lange catamaran te gaan met elektrische motoren. Geen misselijk bootje!

 

JaJapami ligt er mooi bij

 

Daar ontmoette ik dus de Duitse familie, bestaande uit moeders (Jana), vaders (Jan-Dirk) en hun twee zoontjes Paul en Michel. De foto's van de familie komen later. Zoals ik eerder schreef reizen ze dus al anderhalf jaar per boot. Ze zijn gestart in Frankrijk, zakten tot de Kaapverdische eilanden en maakten toen de overtocht over de Atlantische oceaan. Vervolgens hebben ze het Caribische gebied verkend en gaan binnen een paar maanden door het Panamakanaal richting de Galapagoseilanden, Frans-Polynesië en uiteindelijk waarschijnlijk Nieuw-Zeeland of Australië. Die hebben dus nog een flinke tocht voor de boeg. En ze zijn bereid mij een klein stukje mee te nemen, wat voor mij natuurlijk een supergave ervaring is. Ik heb zowaar mijn eigen cabine toegewezen gekregen. Het is een ongelofelijke boot en als het een beetje meezit gaan we aankomende zondag vertrekken, maar dat is altijd weersafhankelijk. Je moet zeilen op de wind van vandaag.

Please reload

24/10/2019

Please reload

Recente blogs (Nederlands/Dutch)

Recent blogs (English)

December 5, 2019

October 24, 2019

October 5, 2019

Please reload